De laatste jaren is de brandweer opgeschrikt door een aantal ernstige duikongevallen, waarvan drie met dodelijke afloop. De Inspectie Openbare Orde en Veiligheid, de Arbeidsinspectie en de Onderzoeksraad voor Veiligheid hebben naar aanleiding hiervan diverse onderzoeken uitgevoerd. Deze hebben onder andere geleid tot een set van 38 ‘urgente maatregelen' waarmee de brandweerkorpsen vanaf 2008 aan de slag zijn gegaan om de veiligheid van het brandweerduiken te verbeteren.
De aandacht voor de duiktaak bij bestuur en management van de brandweer is door de incidenten en onderzoeksrapporten zichtbaar vergroot. Mede in combinatie met kostenstijgingen door toenemende kwaliteitseisen aan personeel en techniek, leidt deze aandacht in steeds meer korpsen tot een herijking van de duiktaak. In diverse korpsen wordt inmiddels overwogen om maar geheel te stoppen met duiken.
De focus van deze visie is het realiseren van veiligheid voor de burger en voor de brandweerman en -vrouw. Centrale discussiepunt, dat eerst geslecht moet worden, is echter of - en zo ja: wie, wat, waar en hoe - de brandweer een taak heeft bij ‘natte' risico's.
Het eerste deel van het visiedocument heeft tot doel om deze discussie te beslechten. Hoofdconclusie is dat er geen afgebakend beleidsterrein is, maar de brandweer zeker een maatschappelijke rol te vervullen heeft en deze rol het beste als netwerkmanager kan invullen.

