In deze leidraad 'ongevalsbestrijding gevaarlijke stoffen' (kortweg Leidraad OGS) wordt primair de regionale 'OGS'-organisatie van de brandweer beschreven. Dat is de wijze waarop de brandweer invulling geeft aan haar wettelijke taken in het geval van ongevallen met gevaarlijke stoffen, zijnde:
- redding en bronbestrijding op de plaats van het incident
- het in kaart brengen van de effecten van het ongeval buiten het directe ongevalsgebied, het adviseren van het bestuur over de te nemen maatregelen ter bescherming van de bevolking in zo'n geval, het waarschuwen van de bevolking en de eventuele ontsmetting van getroffenen
- het voorbereiden van de coördinatie bij de bestrijding van (zware) ongevallen met gevaarlijke stoffen.
Daarnaast gaat de leidraad kort in op de taken die andere (hulpverlenings)diensten hebben in het kader van de bestrijding van ongevallen met gevaarlijke stoffen.
De Leidraad OGS is een herziening van de bestaande Handleidng regionale OGS/WVD uit 1984. Tevens is de inhoud van de leidraad gebaseerd op nadien verschenen richtinggevende documenten zoals de Referentiekaders die in het kader van het Project Versterking Brandweer zijn gepubliceerd en de Handleiding Brandweerzorg, Aanvulling Technische Hulpverlening.
Een directe aanleiding voor deze herziening zijn ook de bevindingen uit het aspectonderzoek Risicobeheersing gevaarlijke stoffen van de Inspectie Brandweerzorg en Rampenbestrijding van het ministerie van BZK. Kern van deze rapportage is de bevinding dat enerzijds de repressieve deskundigheid van de brandweer op het gebied van de ongevalsbestrijding gevaarlijke stoffen verder uitgebouwd en structureel gegarandeerd moet worden, terwijl anderzijds veel meer geïnvesteerd moet worden in pro-actie en preventie om externe veiligheidsrisico's bij ongevallen tijdens productie, opslag of het transport van gevaaarljike stoffen te minimaliseren.
De leidraad is bedoeld voor twee doelgroepen.
Ten eerste de groep van verantwoordelijken voor de voorbereiding op ongevallen, in het bijzonder op ongevallen waarbij gevaarlijke stoffen betrokken zijn. Dit zijn bestuurlijk verantwoordelijken op gemeentelijk en regionaal niveau, de (regionaal) commandanten brandweer en diensthoofden van andere direct betrokken (parate) diensten.
Ten tweede diegenen met een operationele taak bij de ongevalsbestrijding gevaarlijke stoffen. In eerste instantie zijn dit functionarissen van de (parate) hulpverleningsdiensten. In tweede instantie, na de eerste stabilisatie van het incident, de functionarissen van veel meer diensten die bij de verdere bestrijding en afhandeling van het incident betrokken zijn. Ook voor hen kan deze leidraad een nuttig taakinzicht bieden.

